Bedekt
niet-cartilagineuze intra-articulaire oppervlakten, en is analoog aan het
basaalmembraan van andere weefsels. Los van structuren!
Functies
· Voeding en afvoeren afvalstoffen
· Biochemische homeostase
· Volume en drukregeling
Ligamenten en menisci
zijn avasculair en afhankelijk van synovium.
Cellen
Type A lijken op
macrofagen afkomstig uit beenmerg.
Type B secreteren
Hyaluron en komen uit extrasynoviale precursors.
Type C (AB of III).
De extracellulaire
matrix bevat collageen type I, III t/m IV, fibronectine, tenascine, Laminine en
geen elastine.
Bij RA toename
expressie laminine en collageen type IV (basaalmembraan ook)
Structuur
30 micrometer dik,
avasculair en aneuraal.
De subsynoviale zone
kan vetweefsel of fibreus zijn en bevat wel bloedvaten en zenuwen. Daaronder
bevindt zich het gewrichtskapsel.
Normale Synoviale Fysiologie:
De subsynoviale laag
bevat meer capillairen dan spierweefsel.
Transport naar de
gewrichtsruimte door diffusie, echter grotere moleculen zoals fibrinogeen
worden tegengehouden. ( geen stolling in het gewricht )
Afvoer van
afvalstoffen via de lymfebanen.
Synovium en stabiliteit
Door beweging
ontstaat een negatieve druk omdat de afvoer efficiënter is dan de aanvoer (diffusie)
en de gewrichtsoppervlakken plakken als het ware aan elkaar door de
aanwezigheid van een klein laagje vloeistof. (stickyness) dit geeft intrinsieke
stabiliteit.
Synoviale pathologie
ontstaat als een van beide regelmechanismen gecompromitteerd is. Dan nl invasie
van Polymorfonucleaire leukocyten (PMN) gevolgd door macrofagen, lymfocyten en
mestcellen. Diapedese van selektinen en integrinen en ICAMS.
Synovium hyperplasie
door mitose activiteit van de B-cellen ( bij RA doorgeschoten: PANNUS). Ook
toename matrix maar bij RA niet van de nodige bloedvaten! Verder toename van IL
1, 6, 8, 10 en TNF bFGF TGFb etc.
Toename
vochtproductie, meer eiwit, dunnere vloeistof die zuur en anoxisch wordt. De
hydrops doet de stabiliteit van het gewricht afnemen en de Bonnetse stand geeft
de laagste druk. Gevaar bij ontbreken van rust is dat door de verhoogde druk de
bloedvaten afgekneld worden.
Synovium en “particles”
Bloed, kristallen,
kraakbeendeeltjes Poly-urethaan, botcement, metaalpartikels worden geretineerd
in het synovium waarna intracellulaire degradatie plaatsvindt. Vervolgens
transport naar LNN.
Kristallen zijn snel
afbreekbaar (30-90 dagen) en hemosiderose vertraagt de clearance hoewel de
ery’s snel worden afgebroken door de synoviocyten. Sideromen blijven achter.
IJzercomplexen in de cel geven ontsteking en toename van de collagenase
expressie.
Daarom Arthropathieën
na hemartrose. Ook losse partikels in het gewricht geven ontsteking waardoor
lavage misschien goed werkt.
Infectie en Synovium
Micro-organismen
komen via hematogene of traumatische weg. Purulente synovitis geeft snelle
chondrolyse door bacteriële producten.