Hoofdstuk 21

 

 

DIAFYSAIRE HUMERUS FRACTUREN

 

 

Humerusschachtfracturen: 3% van alle fracturen.

Vroeger vooral conservatief: nu meerdere methoden (AO).

 

 

Anatomie

 

Humerusdiafyse:

·       Proximale grens pectoralis major distale grens-supracondylaire rand.

·       Proximaal cilindrisch van vorm en distaal driehoekig.

·       Nervus radialis ligt posterieur in sulcus en loopt van posteromediaal naar anterolateraal.

·       Antebrachialis zorgt voor de bloedtoevoer.

 

 

Diagnostiek

 

Pijn, zwelling deformiteit, verkorting.

Niveau van fractuur bepaalt het klinische beeld:

·       Fractuur proximaal van de pectoralis insertie: abductie en endorotatie van het proximale fragment (deltoïdeus en rotator cuff) en adductie/medialisatie van het distale fragment (pectoralis).

·       Fractuur distaal van de pectoralis insertie en proximaal van deltoïdeus: medialisatie van proximale fragment (pectoralis) en lateralisatie van distale fragment (deltoïdeus).

·       Fractuur distaal van inserties deltoïdeus en pectoralis: flexie en abductie van proximale fragment met verkorting van distale fragment.

 

 

Onderzoek

 

Cave neurologische schade (radialis) vasculaire schade (Doppler OZ), compartiment syn-droom.

Radiologie:2 humerus opnamen 90 gr. ten opzichte van elkaar. Soms CT of MRI of tomografie.

 

 

Classificatie

 

Afhankelijk van locatie, dislocatie, comminutie, geassocieerd neurovasculair letsel.

AO-classificatie:

·       NB: direct letsel: vaker transversale fracturen met/zonder vlinderfragment.

·       HET of penetrerend trauma: vaker comminutie en weke delen schade.

·       Torsiekrachten: spiraalfractuur, vaak in distale 1/3, b.v. door enorme spiercontractie (werpbeweging).

 

 

Behandeling

 

Doel: benige heling met behoud van functie.

Conservatief:

·       Meestal afdoende (gips, brace, U-spalk, abductiegips, hanging cast, Velpeau verband)

·       Acceptabele angulatie: 20 gr. anterieur en 30 gr varus of valgus. Acceptabele verkorting: 2.5 cm. (1 Inch)

·       90% heling bij behandeling met 1 week gips of U-spalk en daarna functionele brace.

·       Passieve oefeningen vroeg starten.

·       Hanging cast niet bij transversale fracturen (non-union, door distractie).

·       Bij nervus radialis uitval: exploratie van de zenuw.

 

Operatie-indicaties:

·       Groot bot of weke delenverlies, fladderextremiteit, onacceptabele alignement, comminutie, vasculaire schade, indien ipsilateraal antebrachiïfractuur (vaak nonunion)

·       Compressie plaat, intramedullaire technieken, externe fixatie. (schroeffixatie alleen is niet afdoende). Bij pathologische fracturen kan polymethylacrylaat helpen.

 

Plaatosteosynthese:

96% union, wel risico voor nervus radialis. Brede dynamische compressieplaat (4.5 mm)

·       Anterolateraal benaderen bij proximaal en midschacht. (tussen deltoïdeus en pectoralis door distaal tussen biceps en brachioradialis) Nervus radialis wordt in principe afgedekt door morbus brachialis.

·       Posterieure benadering voor midschacht en distale humerusfractuur en indien de nervus radialis geëxploreerd moet worden. Tussen de triceps koppen door. Let op nervus radialis en aa. profunda brachiï. Als je van achter naar meer proximaal gaat dan wordt je beperkt door de nervus axillaris en aa. circumflexa humeri posterieur.

·       Anteromediaal is gevaarlijk voor de nervus medianus en ante brachialis en wordt daarom zelden gebruikt.

 

Intramedullair:

·       Flexibele of gefixeerde pennen. Anterograad of retrograad. Vaker secundaire pro-blemen/klachten door het materiaal.

·       Anterograad: 1. Let op rotator cuff: insertieplaats juist mediaal van tuberculum major door de vezels van deltoïdeus.2. Proximaal niet te lange fixatie schroeven gebruiken (kunnen op nervus axillaris drukken bij endo).

·       Retrograad: proximaal van de fossa olecrani inbrengen om supracondylaire fracturen te voorkomen.

 

Externe fixatie:

·       Reserveren voor bij weke delen schade zoals: infectie, verbrandingen etc. en bij ernstig botverlies.

 

 

Complicaties

 

·       Nervus radialis laesie: meestal in midschacht, soms distale 1/3. Tot 18% in literatuur, meestal neuropraxie door compressie of tractie, vaak in 3-4 maanden herstel. Bij open fracturen exploreren nervus. Bij penetrerende verwondingen en nervus laesie bijna gesloten reductie is niet iedereen een voorstander van exploratie (kan juist de al gekneusde zenuw beschadigen).

·       Nonunion: vaak secundair door techniek, materiaal falen, infectie en botresorptie, distractie van fractuur, weke delen interpositie, slechte bloedvoorziening of instabiliteit. Plaat of pen. Bij avasculairiteit eventueel gevasculariseerde fibula graft.

·       Malunion, infectie, materiaal falen/klachten, bewegingsverlies.

·       Vasculaire schade: absolute indicatie voor operatie. A. brachialis in 0.6 tot 3% aangedaan.